Posts tonen met het label zaterdag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zaterdag. Alle posts tonen

zaterdag 9 april 2011

Rangitoto Island en Devonport

De paasvakantie is aangebroken en in aanloop naar de grote trip op woensdag ondernam ik er vandaag een kleinere. Aaaaah, me-time op weekenddagen*, het is weer van dat! Op het programma: Rangitoto Island en Devonport (zie kaart). Waarom ik gedurende Friday Drinks (ook wel: 'current and future international law students weekly get-together') in godsnaam het idee gelanceerd heb om mensen mee te vragen, is mij een raadsel. Er is immers weinig me-time aan als je met meer dan één bent. Los dáárvan leek het mij evenwel een goed idee om mensen mee te vragen. En zo geschiedde.

"So... who's coming to Rangitoto Island with me tomorrow?" Geen reactie, uiteraard. Het is te zeggen: niemand reageerde met een andere dan de gebruikelijke blik, zijnde de ik weet nog niet wat ik ga doen hoor morgen ik denk dat ik ga willen uitslapen want vanavond ga ik uit en dan ga ik morgen moe zijn en ik wil dat eiland op zich wel zien, denk ik, maar ervoor uit mijn bed komen lijkt mij op dit moment illusoir en trouwens ik neem geen beslissingen zo ver op voorhand. en bier, ja bier vind ik ook leuk -blik.** Op één iemand na: de 31-jarige Zweed met bierbuik.

Iedereen kent die situatie: je kan niet meer terug. Bidden dat er nog iemand anders zou meegaan was hopeloos.
"Maar ik ben van plan te gaan shoppen in Devonport! Hard core shoppen!"
"Je gaat daar toch ook lunchen?"
"Euh... I suppose?"
"Ideaal!"
Rangitoto Island dus, met een 31-jarige Zweud in mijn kielzog. Dit bleek achteraf reuze mee te vallen trouwens. Alvorens iedereen beslist mij grof en bevooroordeeld te vinden: ik denk dat het mij moeilijk kwalijk kan worden genomen dat 31-jarige Zweden niet mijn eerste keuze zouden zijn indien ik een random persoon mee kon vragen naar Rangitoto. Eerder 21 tot 23, groot, gespierd, gediplomeerd... U snapt het plaatje.

Vroeg uit de veren vanochtend! De ferry van 9.15am, productief wezen. Ik was echter al veel vroeger wakker. De Maleisiër had er niets beters op gevonden dan de mircogolfoven te gebruiken om zijn ontbijt te bereiden, met alle biepgeluidjes van dien. Het enige in mijn wereld gekende ochtendlijke gebruik van microgolfovens is het opwarmen van melk. Ik weet dat zíjn darmen geen melk verdragen en moest dus wel uit bed komen om uit te zoeken wat hij in godsnaam aan het kokerellen was. Het bleek rijst met tomatensaus. Mijn vraag "Waarom?!" kwam als donderslag bij heldere hemel. "Ik vertrek vandaag op reis - ik heb dit kliekje gevonden in de ijskast. Ik kan het toch moeilijk weggooien?" Och, moet kunnen.

Het eiland dan. Rangitoto is een uitgedoofde vulkaan op een twintigtal minuten varen van Auckland. Op de brochure die we in onze handen kregen gestopt op de ferry stond dat het onbewoond is, geen winkels heeft en we dus best water meenamen, en een zaklamp. Ik heb niet standaard een zaklamp in mijn rugzak zitten. Probleem! Gelukkig had de Zweed een zaklamp, ik heb niet gevraagd waarom maar samenzweerderig geknikt.
Op Rangitoto is er één ding te doen: het uitgestippelde pad naar de krater volgen, en terug. Het hele eiland is bezaaid met lavastenen (nogal wiedes) en bos. De paden zijn bij momenten steil en hoewel ik mezelf niet direct zou bestempelen als een wandelaar, merkte ik dat er na een tijdje toch een glimlach op mijn gezicht verscheen bij het proberen ontwijken van uitstekende takken allerhande, ook al was het bergop. Het weer was zonder meer prachtig vandaag - we hebben veel gezweet, maar het uitzicht was het waard. Een reeks tunnels/grotten uit lava opgetrokken, of zal ik zeggen gevormd, waren ook de moeite! Daar kwam de zaklamp goed van pas, want grotten... durven al eens donker zijn.

Auckland op de achtergrond


In een lavagrot

De krater - bezwaarlijk indrukwekkend te noemen

De top bereikt! Wederom Auckland op de achtergrond

Lavastenen



Men heeft dagelijks drie kansen om naar Rangitoto en terug te varen. Na de ochtendferry schoten er daarvan nog twee over. De brochure waarschuwde ons ervoor te zorgen dat we de laatste ferry niet misten.*** De honger dreef ons evenwel tegen het middaguur terug naar de pier na een vermoeiende maar bijzonder deugddoende wandeling. Een korte trip bracht ons vervolgens naar Devonport, een gezellig havenstadje op de terugweg naar Auckland. Ik heb er slechts één foto van betekenis getrokken. Hij bevestigt mijns inziens niet meer dan het feit dat Devonport een gezellig havenstadje is. Er waren talrijke lekkere restaurantjes en tweedehands boekenwinkels. Ik heb er een Nederlandstalig boek op de kop getikt! Taal is zeg maar echt mijn ding, heet het. Ik wil het graag geloven. De man achter de balie leek bijzonder opgewonden over het feit dat ik uit België kwam. Hij begon honderduit te vertellen over zijn passie voor wielrennen en de reportage over Philippe Gilbert ("Die is Belg hé, ik weet dat hoor!") die hij recentelijk had gezien. Ik was zó blij voor die mens dat ik niet wist wat antwoorden. Mogelijks ook omdat ik niet wakker lig van Philippe Gilbert noch wielrennen.****

Devonport



Rond een uur of vier - mijn pasta met spinaziesaus en parmesaan had ik laten verteren in de schaduw op het strand - vond ik het tijd om de ferry huiswaarts te nemen. Innerlijke rust kwam over mij, het valt amper te beschrijven. Ik was opgetogen over de ervaringen van de dag maar ook bijzonder blij dat de stad weer in zicht was (hoewel ze eigenlijk nooit uit zicht was geweest, zie foto's).
Wanneer de stad weer langzaam groter wordt na een dag op het water, wanneer de ferry de haven binnenvaart terwijl de avondzon de wereld zachtroze doet kleuren en ik haar laatste warmte naar binnen zuig, wanneer tijdens het naar huis wandelen een nieuw liedje vanuit een winkel in Queen Street erin slaagt mijn hart een sprongetje te doen maken. Op zo'n momenten weet ik, ondanks het boerenbloed in mijn aderen, ondanks de ongelooflijk verkwikkende lavawandeling vandaag, dat een metropool mijn ware biotoop is.



* Vorige keer was er me-time op zondag als ik het me goed herinner. Zaterdag voelde zich daar niet helemaal lekker bij dus nu is het me-time op weekenddagen.
** Een gezonde dosis misantropie is mij niet vreemd in bepaalde perioden van de maand.
*** Ik vind dat mensen die er zelf niet opkomen om het uur van de laatste ferry te checken, het verdienen om een nacht onder de blote hemel op een uitgedoofd vulkanisch eiland door te brengen.
**** Waar ik wél van wakker lig, is niet voor publicatie vatbaar.

zaterdag 5 maart 2011

Housewife

"Wow", zei mijn Maleisische flatgenoot bij de aanblik van het gekuiste appartement. Meer kon hij niet uitbrengen en ik evenmin. Ik was te druk bezig met uithijgen van de inspanning, weinig elegant leunend op de aftrekker. Kuisen is als Zumba, al ben ik op het eerste zicht niet echt een fan van die pseudodanssport. Ik heb genoeg aan mijn yoga en voor de lichaamsbeweging kuisen vind ik maar een gek concept. Een voor de gelegenheid samengestelde playlist (hij heet 'Kuisen maar!') voorzag het geheel van achtergrondmuziek. Bonkende beats brengen het beste in me boven.

Het héle appartement heb ik geschrobd en geboend, omdat ik mijn standaard van basishygiëne niet wens te verlagen om de enkele reden dat ik nu in een ander land woon en omdat niemand anders de behoefte voelde om de taak op zich te nemen. Ik weet niet wat de Maleisische norm voor kuisen is (hij leek bijzonder onder de indruk), maar als ík kuis ga ik voor niet minder dan een wow. En mijn wow heb ik gekregen. Ik zie namelijk het punt niet in van iets hálf kuisen, maar dat kan aan mij liggen.
Nu ik toch in gesprek was met Mister Maleisiër - we zijn flatgenoten van weinig woorden - heb ik hem meteen proberen uitleggen dat hij zich ook altijd tot schoonmaakwerkzaamheden mocht engageren, zich daar zeker niet voor hoefde te schamen, dat ik zijn mannelijkheid blijvend zou appreciëren, ongeacht of zijn handen een drilboor dan wel een zeemlap omklemden.
Zijn blik verstarde bij de gedachte aan kuisproduct. Hij wou van mij weten of ik misschien overal vies van was.*
"Is dat echt nodig, elke week kuisen?" Waar ik mij drie zinnen geleden nog hoopvol afvroeg wat de Maleisische norm voor properheid was, denk ik dat die vraag nu toereikend beantwoord is. Ik schud mijn hoofd bij zoveel naïviteit. Elke keer weer laat ik me vangen, elke keer weer. Verdomme toch.

Het is zaterdag, en dan voltrekt zich de wekelijkse tocht naar de supermarkt aan de andere kant van de stad. Heuvel op en af, het is dus met de bus te doen, zeker als je er maar één keer per week heenwil. Ik winkel graag op mijn gemak, laat me verleiden door de koopwaar, laat me verlammen door de overvloed aan keuze. Cornflakes koop ik met mijn ogen toe, daar is anders geen beginnen aan. Paspoortcontrole aan de kassa voor één enkele fles Belgisch framboosbier die ik niet kon laten staan. Met die fles fruitigheid als enig decadent element in mijn winkelkar was de rekening nog steeds zonder meer exorbitant, maar ik kan moeilijk verhongeren dus vooruit met die geit.

Voor het geval ik deze week geen zin heb om te koken, heb ik van de brandschone keuken en de voormiddagse vrijheid (wanneer iedereen nog slaapt) geprofiteerd om op voorhand te kokerellen. Pastasaus op moeders wijze met eigen fantasietjes en gebreken. De kuisdeuntjes bleken perfect te voldoen aan mijn muzikale kooknoden, al zou ik het ook met rustigere muziek gekund hebben. Beetje meer indie, beetje minder goedkope dance.
Het kookproces omvatte vier stappen. De overgangen zijn pure magie en magie is niet vatbaar op foto dus geen foto's daarvan. Verder ook GROTE foto's want heel erg lekker verdient grote foto's.

De volgende keer dat iemand durft zeggen dat ik geen kookgenen in mij heb: pastasaus in your face. Het is niet omdat ik de vergelijking met mijn mama niet doorsta, dat ik er niets van bak. Toch?






Shout-out of the day: MOEKE, voor het koken. Al een chance dat ik een slimme dochter ben die met jarenlang enkel kijken en weinig zelf doen blijkbaar in staat is om de theorie zonder al te veel problemen in praktijk om te zetten. Eérst de ajuin stoven, dán pas de rest. Altijd vlees in de saus doen! Jaja, indoctrinatie.


* Schaamhaar op de bril, urine op de vloer. Ja, daar ben ik vies van. Als het te veel gevraagd is dat ik op blote voeten in mijn appartement wil kunnen rondlopen zonder dat ik ergens aan de vloer blijf plakken, dan... dan... dan staan mij nog veel eenzame kuiszaterdagen te wachten.